Monnickendammer sloepen in De Lemmer!

Door: Dirk Huizinga

De stalen sloepen die in de dertiger jaren in De Lemmer gebruikt werden voor de IJsselmeervisserij, werden niet in De Lemmer gebouwd. Op de schepenlijst 1902 – 1940 van de scheepswerf Gebroeders De Boer wordt geen melding gemaakt van een vaartuig dat daarmee in verband kan worden gebracht. Op deze website ‘Spanvis’ over de visserij in De Lemmer is echter ietsje meer informatie te vinden. Bij foto’s van sloepen tijdens wedstrijden van na de oorlog geeft Auke Coehoorn als commentaar bij onderstaande foto: ‘Dit is een Monnickendammer sloep van de zonen van Eijbert Visser. Ze visten ermee onder het nummer LE 1, maar tijdens het hardzeilen op De Lemmer gebruikten ze de zeilen van de aak van Eijbert, die toen viste onder het nummer LE 35 van Piet Bakker.’

Zoals in die jaren stalen rondbouwen werden gemaakt en natuurlijk de fraaie IJsselmeerkotters met spitsgat, werden in Monnickendam ook vergelijkbare kotters voorzien van een spiegel, een aangehangen roer, zijzwaarden en een zeiltuig zoals de vissers dat gewend waren.

Net als bij het skûtsjesilen was de tijd van zeilende werkschepen voorbij. De traditie van hardzeilwedstrijden in de zomer was niet alleen aantrekkelijk vanwege de geldprijzen, maar was ook gewoon gezamenlijk plezier. De schippersgezinnen met nog een skûtsje probeerden het skûtsjesilen na de oorlog in stand te houden en de vissers in De Lemmer bleven met de paar overgebleven zeilende vissersschepen eveneens een traditie voort te zetten.

De Lemmer, hardzeilwedstrijd voor vissersschepen vlak na de oorlog.

Van 1948 t/m 1958 werd deze hardzeilwedstrijd voor vissersboten georganiseerd samen met het skûtsjesilen in de eerste week van augustus. Het aantal deelnemers was uiteraard beperkt. Hoewel de IJsselmeervisserij succesvoller bleek te zijn dan gedacht, waren er geen schepen meer die zeilende visten. Alleen vlak na de oorlog, toen er geen gasolie was, werden de oude tuigen van zolder gehaald en zeilden de vissers als van ouds. De schepen op de foto’s moesten vaak zeilen lenen van andere vissers die nog een zeil van vroeger hadden liggen.

De Lemmer, omstreeks 1950. Sloepen met voor de vangst van spiering

Het aantal deelnemers aan de wedstrijden was als volgt:

1948: 4 aken, 1 botter, 1 schouw en 2 kotters.
1949: 3 aken en 2 sloepen.
1950: 6 aken, 3 sloepen en 3 schouwen.
1951: 4 aken, 2 sloepen en 2 schouwen.
1952: 4 aken, 2 sloepen en 4 schouwen.
1953: 4 aken, 2 sloepen en 3 schouwen.
1954: 6 aken en 2 sloepen.
1955: 5 aken en 2 sloepen.
1956: 3 aken en 2 sloepen.
1957: 4 aken en 3 sloepen.
1958: 2 aken en 2 sloepen.

De Monnickendammer sloep LE 84, de ‘Slide’, met het tuig van de LE 33.

Bewijs van inschrijving bij de gemeente Lemsterland van de sloep (stalen motorkotter) LE 84 in het jaar 1955. Lengte 11.00 meter. Breedte 3.15 meter. Diepgang 1.00 meter.

De LE 84 (‘Slide’) verbouwd tot motorsailer.

Aan boord van de sloep LE 24

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.